God soecken
Diogenes met een ontstekene lantaren
Socht menschen op de marct daer duysenden vergaren.
Die schimper had wat rechts: maer siet hoe menich sot
Nu by den hellen dach gaet tastende na God:
Niet bruykende sijn woort, om sekerlijck te treden,
Maer de beroockte slons van menschelijcke reden
Die hem verwerret in een doolhof sonder ent,
Soo dat van duysenden hem qualijck een en kent.
Jacobus Revius in Over-Ysselsche Sangen en Dichten, Amsterdam MCMXXX p 11


0 Comments:
Post a Comment
<< Home